Buddah

SCRIPTIE TRAUMA- VERWERKING

Dit zijn fragmenten van de scriptie Traumaverwerking met hypnotherapie. De hele scriptie is digitaal tebestellen door € 10,- over te maken op giro 9353657 Ten name van Praktijk Munera, Uithof 15, 1353 XB Almere onder vermelding van "scriptie". Gelieve duidelijk je naam, adres, woonplaats en email-adres op te geven. Het is fijn als je ook een mailtje stuurt naar praktijkmunera@gmail.com. Dan merken we het direct op. 

TRAUMAVERWERKING EN HYPNOTHERAPIE

Marian Cornelisse op de opleiding Academie hypnos

VOORWOORD

Deze scriptie schrijf ik in het kader van de opleiding voor hypnotherapeut bij de Academie HYPNOS. Ik heb voor het thema “Trauma” gekozen met de vraagstelling: “Hoe kan hypnotherapie een bijdrage leveren aan het verwerken van een trauma?”. De reden is om dieperliggende blokkades te helpen oplossen. Mijn ervaring met magnetiseren is dat tijdens een behandeling de cliënten vaak vanzelf in contact met hun onbewuste komen. Oude herinneringen komen naar boven. Cliënten krijgen contact met hun onbewuste. Het is een kunst om mensen die contact hebben met hun onbewuste te begeleiden. Het geeft veel mogelijkheden om onverwerkte problemen op te lossen. Enerzijds liggen er in het onbewuste de onverwerkte ervaringen opgeslagen en anderzijds geeft het onbewuste een zee van positieve ervaringen. Er kunnen nieuwe positieve ervaringen gecreëerd worden. Deze combinatie is nu de kracht van hypnotherapie. In de opleiding voor hypnotherapeut heb ik hier professioneel mee leren werken.

Deze scriptie is tevens een blauwdruk van mijn eigen ontwikkeling van de laatste tien jaar. In deze jaren ben ik bezig geweest om trauma’s van dit en vorige levens te verwerken, waardoor ik me heb kunnen bevrijden van vastzittende emotionele en mentale patronen. Ik ben me daardoor vrijer gaan bewegen en ik beleef een dieper contact met mijn medemens. Mijn wereld is groter geworden. Ik voel me vrijer en gelukkiger. Dit gun ik iedereen.

INHOUDSOPGAVE

VOORWOORD 
INHOUDSOPGAVE 
INLEIDING 
HET EMOTIONELE BREIN EN DE ZEVEN CHAKRA’S 
-Het emotionele brein
-De zeven chakra’s 
-Ernstige blokkades in de chakra’s 
HYPNOTHERAPIE 
-Inleiding 
-Het bewuste en het onbewuste
-Associëren en dissociëren 
-Twee mogelijke blokkades: “Hangover” en “Postulaat” 
-De reizen in het onbewuste naar het verleden Regressie 
--Reïncarnatie 
--Regresie
COMPLICATIES 
- Aanhechting 
-Obsessor
TRAUMA EN TRAUMAVERWERKING 
HET BEHANDELPLAN 

-Methoden voor de eerste fase: veiligheid en vertrouwen 
-Methoden voor de tweede fase: verwerken van het trauma 
-Methoden voor de derde fase: integratie

DEEL II DE PRAKTIJK

-SHIRLEY
-WI LLEM 
-BIANCA
-BEREND

SAMENVATTNG EN CONCLUSIE
LITERATUURLIJST
BIJLAGEN

INLEIDING

In deze scriptie wil ik onderzoeken wat een trauma is en hoe hypnotherapie een bijdrage kan leveren in het verwerken van een trauma.

In het eerste hoofdstuk wordt daarom de verschillende hersendelen, namelijk het limbisch stelsel en de neocortex onderzocht. Het limbisch stelsel is het centrum van de emoties en de neocortex van het denkvermogen, taalvermogen, beeldvermogen, toekomstgericht denken en fantaseren. Er wordt aangetoond hoe deze hersendelen elkaar kunnen ondersteunen of tegenwerken. Verder wordt uitgewerkt dat onverwerkte emoties in het lichaam kunnen worden opgeslagen. Vervolgens wordt de theorie over de chakra’s besproken. Deze bevat een natuurlijke wetmatigheid over het begin- en eindpunt van een ervaring, waarbij in het eindpunt de ervaring losgelaten wordt en wijsheid ontstaat. Analoog aan dit proces wordt de functie van de chakra’s beschreven. Het is een psychologische theorie over het ontstaan van blokkades, zowel fysiek, emotioneel, mentaal als spiritueel. Ernstige blokkades van de chakra’s worden als trauma’s in beeld gebracht.

In het tweede hoofdstuk wordt uitgelegd wat het bewuste en onbewuste is. Er wordt uiteen gezet wat het betekent om met trance te werken. De staat van associëren en dissociëren komen aan de orde. De betekenis hiervan wordt voor het dagelijks leven en voor het ontstaan van een trauma uiteengezet. Ook wordt beschreven hoe bij het verwerken van een trauma met hypnotherapie gebruik wordt gemaakt van het associëren en dissociëren. Twee mogelijke blokkades, de “hangover” en de “postulaat” komen aan de orde. Vervolgens wordt de mogelijkheid om in het onbewuste te reizen naar het verleden uitgelegd, waarbij er zich twee mogelijke complicaties kunnen voordoen.

In het derde hoofdstuk wordt het begrip trauma en traumaverwerking vanuit verschillende theorieën geformuleerd.

In het vierde hoofdstuk worden de fasen van traumaverwerking uiteengezet. Hieraan gekoppeld worden de geschikte, hypnotherapeutische behandelmethode besproken en in een behandelplan samengesteld.

In het vijfde hoofdstuk worden de behandelingen van vier cliënten met één of meerdere trauma’s beschreven.

In het zesde hoofdstuk komen de samenvatting en de conclusie aan bod. Vanuit de theorie geef ik antwoord op de vraag wat een trauma is. Vervolgens beantwoord ik vanuit het theoretisch en praktisch gedeelte de vraag wat hypnotherapie kan bijdragen aan het verwerken van een trauma.

De vraagstelling voor de scriptie luidt: wat is een trauma en hoe kan hypnotherapie een bijdrage leveren aan het verwerken van een trauma.

In bijlage 1 worden vijf natuurlijke behandelwijze van Servan Schreiber besproken. In bijlage 2 wordt de chakrameting verteld, in bijlage 3 worden richtlijnen gegeven voor een geweldloze communicatie en in de laatste bijlage wordt een meditatie uiteengezet.

* daar waar in de algemene betekenis “hij” geschreven staat wordt ook “zij” mee bedoeld.


Dit zijn fragmenten van de scriptie Traumaverwerking met hypnotherapie. De hele scriptie is digitaal tebestellen door € 10,- over te maken op giro 9353657 Ten name van Praktijk Munera, Uithof 15 1353 XB Almere onder vermelding van "scriptie". Gelieve duidelijk je naam, adres, woonplaats en email-adres op te geven.


SAMENVATTING

In deze scriptie heb ik onderzocht wat een trauma is en hoe hypnotherapie een bijdrage kan leveren in het verwerken van een trauma.

Vanuit de theorie kan ik het begrip trauma als volgt samenvatten: “Een zo’n pijnlijke ervaring dat de persoon in een redelijke tijd deze niet kan verwerken. Deze ervaring roept zo’n sterk gevoel van machteloosheid op, dat vanaf dat moment zijn leven ontwricht is. Het lichamelijke en emotionele verdedigings- en verwerkingsmechanisme is in de war geschopt en de emotionele lading van de ervaring zit in het lichaam opgeslagen.”

Met hypnotherapie wordt in trance met het onbewuste gewerkt. In dit onbewuste liggen onverwerkte ervaringen opgeslagen, die in het dagelijks leven parten spelen. In het onbewuste zit ook het vermogen om contact te hebben met ons hoger bewustzijn of met onze eigen innerlijke wijsheid. Met een lichaamsgevoel, een emotie of een irrationele overtuiging wordt er in trance door de tijd gereisd en terug gegaan naar het allereerste moment waarop dat lichaamsgevoel, die emotie of irrationele overtuiging ontstaan is. We komen dan bij een traumatische ervaring terecht. Ook kan men in trance via het focussen op het lichaam een traumatische ervaring oproepen. Het is dan in trance mogelijk om deze ervaring, die in werkelijkheid niet is afgerond, nu wel af te ronden en te verwerken. Alles wat in werkelijkheid niet heeft kunnen plaatsvinden, kan in trance met behulp van het hoger bewustzijn wel plaatsvinden. Dit is de reden waarom ik de methode van regressie en reïncarnatie centraal heb gesteld in deel I, het theoretische uiteenzetting en in deel II, de praktijk. 
Het theoretisch gedeelte kan als volgt geïntegreerd worden samengevat:

- Het associëren en dissociëren van deze methoden wordt door de theorie van Servan Schreiber bevestigd. Hij zegt dat grote angst of zware stress de verbinding tussen het limbisch stelsel en de neocortex verbreekt. Hierdoor blijft men steken in een ervaring. Het in trance associëren met de ervaring geeft bij associatieve stoornissen een emotionele ontlading en bij dissociatieve stoornissen een erkenning van hun eigen gevoelens tijdens het trauma. Dit geeft verandering in het limbisch stelsel. In de volgende stap, het dissociëren wordt de neocortex aangesproken terwijl de verbinding en herinnering aan de gevoelens er nog zijn. Nu kan de neocortex samen gaan werken met het limbisch stelsel. In deze samenwerking kan de mens tot verdere inzichten en wijsheid komen, waardoor de ervaring uiteindelijk losgelaten kan worden. Ook de theorie van de chakra’s -die stelt dat elke ervaring eerst een manifesterende stroom en daarna een bevrijdende stroom heeft- bevestigt de aanpak van deze methoden. Deze twee stromen samen geven een complete ervaring, die bij de afronding een nieuwe wijsheid geeft.

- Een noodzakelijke stap in deze methoden is het zich losmaken van de verantwoordelijken voor het trauma. In de theorie van de chakra’s wordt verteld dat energie van anderen voor langere of kortere tijd in iemands systeem kan blijven hangen. Bij een trauma is het slachtoffer extra kwetsbaar en in de war en kan de energie van de verantwoordelijke makkelijk diep in het systeem van het slachtoffer terecht komen.

- Een andere noodzakelijke stap in deze methoden is het loslaten van postulaten. De theorie van Servan Schreiber beschrijft de mogelijkheid van onderdrukking van het limbisch stelsel/het gevoelsleven door de neocortex/het denken. Een mens kan dan niet volledig functioneren. Met andere woorden: postulaten kunnen de werkelijkheid vervormen. De theorie van de chakra’s bevat het onderscheid in de aura van de vier velden en wijst op het belang van het mentale veld.

- In een reïncarnatiesessie wordt de extra stap -het loskomen van het vorige leven- met deelpersoonlijkheden uitgewerkt. In deze scriptie is geen theoretische ondergrond voor deelpersoonlijkheden geschreven. Wel geeft Servan Schreiber in zijn meditatie tot hartcoherentie die in bijlage 8.3. te vinden is het empirisch bewijs dat de mens zichzelf kan helen. In deze meditatie geeft de deelpersoonlijkheid van het hart en ander deelpersoonlijkheid een heling. Op deze manier kan het hoger bewustzijn –wel of niet gevoed vanuit de kosmos- de pijnplekken in het onbewuste helen. In de integratieproces van een regressie of reïncarnatie geeft de huidige persoonlijkheid eerst een heling aan het kleine kind of de oude persoonlijkheid voordat deze door de huidige wordt opgenomen. Het bijzondere aan onze schepping is dat de mens zijn eigen pijnplekken kan helen. Hij bevrijdt zich daardoor van het lijden op de aarde.


Van de behandelde cliënten hebben Shirley en Bianca een chronisch trauma als gevolg van emotionele verwaarlozing. Bij Willem is hier ook sprake van, waarbij nog twee oorlogstrauma’s bijgekomen zijn. Bij Berend hebben we te maken met een enkelvoudig trauma, dat zich twee keer heeft herhaald.

Ook in het praktijkgedeelte staan regressie en reïncarnatie centraal.

- Bij Shirley en Willem die een dissociatieve stoornis hebben is het moeilijk gebleken om in de associatie te komen. Dit is bijvoorbeeld te herkennen in de 2e sessie van Shirley, waarin ze meteen uit het gevoel springt. Er is bij hen een grote emotionele afwijzing van het kleine kind, waardoor het niet direct mogelijk is voor de huidige persoonlijkheid om aandacht en liefde voor dit kind op te brengen. Dit gebeurt dan in eerste instantie indirect. Shirley ontvangt liefde en acceptatie van haar oma/opa en haar tante en Willem krijgt aandacht in het voorlezen van een verhaal, welke aandacht hij door kan geven aan zijn kleine kind. De afstand tussen Willem en het kind wordt per sessie kleiner. Acceptatie en liefde voor hun innerlijk kind geeft hen steeds meer begrip voor de gevoelens die weggedrukt zijn. Bij Shirley vindt dit ook bij de reïncarnatiesessies plaats. Langzaam maar zeker wordt hun gevoelsgebied, het 2e chakra geopend en zal de neocortex de onderdrukking van het limbisch stelsel loslaten. Daardoor leren ze in het dagelijks leven ook langzaam beter met gevoelens omgaan.

- Bij Bianca en Berend die een associatieve stoornis hebben is het moeilijk om door de associatie heen te gaan. Het is voor hen moeilijk om gevoelens los te laten. Ze reageren en handelen daarom als ze in de pijnlijke gevoelens geraakt zijn vanuit hun emoties. Dat maakt een situatie heftig. Beide leven in tweestrijd met zichzelf en de deelpersoonlijkheden (narretje/de doodswens en pit/levenskracht bij Berend en krijger/keizerin en fee/non bij Bianca) worden aangestuurd door emoties. Er kunnen oplossingen komen als door de dissociatie inzicht ontstaat. Na vier sessies en een catharsis lukt het Berend om in de dissociatie te komen. Daarna pas lukt bij Berend dat de ene deelpersoonlijkheid de ander heelt. Dit is eerst gericht naar de zieke Berend van 9 jaar terug. Een volgende stap zou een heling van het kleine kind zijn. Bianca leert dissociëren door via een filmscherm naar een gebeurtenis te kijken. In het helingsproces van de volwassen Bianca naar de kleine leert ze de gevoelens van de kleine accepteren.

- Bij Shirley, Willem en Bianca zijn de hangovers herkenbaar. Uit de sessies kan lijken dat één ouder dominant is geweest en daardoor de meest verantwoordelijke. Toch blijkt bij losmakingrituelen dat de andere ouder bijna even verantwoordelijk is. Bij deze drie mensen blijkt de hangovers een grote negatieve last te zijn. Zij hebben allen moeite om deze last weer bij de verantwoordelijken neer te leggen. Soms is verschillende keren een losmakingsritueel nodig om de angel van de hangover eruit te halen. Bij Bianca zien we in de 6e sessie dat de hangover van moeder “vader is niet belangrijk voor Bianca” diep gegraveerd zit. De hele sessie is nodig om haar vader terug te vinden en om los te komen van deze hangover. Bij Berend is over hangovers nog niets naar voren gekomen, zodat er niets over gezegd kan worden.

- De postulaten bij een dissociatieve stoornis, Shirley en Willem zitten erg vast. Wat opvalt is dat Shirley vanuit feiten redeneert, terwijl Willem het leven filosofisch benadert. De postulaten bij een associatieve stoornis, Bianca en Berend worden door hun emoties aangestuurd. Bij hen is het makkelijker om hun vaste irrationele overtuigingen eruit te pikken omdat zij niet zoals Shirley en Willem er een hele redenatie omheen gecreëerd hebben. Zo gaat Bianca in de 5e sessie in regressie met een overtuiging als brug. Bij Willem en Shirley is alleen indirect aan hun overtuigingen gewerkt. Door de associatie en de helingsmomenten blijken de negatieve overtuigingen van henzelf veranderd te zijn. Bij Bianca en Berend ligt dit precies andersom. Bij hen kan een irrationele overtuiging als brug gebruikt worden. In de dissociatie en de helingsmomenten ligt bij hen de kracht om de negatieve overtuigingen te veranderen.

- Naar het integratiemoment wordt toegewerkt. Het is belangrijk als de voorgaande aspecten goed zijn doorgewerkt. Is dit niet het geval dan blijft er een open eind. Dit is bijvoorbeeld bij Berend in de 5e en 7e sessie. De huidige deelpersoonlijkheid heelt de oude, maar dit proces is nog niet afgerond. Hierdoor kan er nog geen integratie plaats vinden. Dit is ook het geval bij Willem in de 7e sessie, die de kleine gaat verzorgen maar nog niet in zich kan opnemen. Een bijzonder integratieproces vindt plaats bij Shirley in de 7e sessie. Na de integratie heeft Shirley de bijzondere ervaring van stralend licht in en om haar heen. In de 6e sessie van Bianca vindt integratie met het kleine kind plaats, nadat Bianca al verschillende keren in voorafgaande sessie zich had voorgenomen om voor de kleine te zorgen. Deze integratie raakt haar, waardoor ze de kracht van de kleine in haar bewustzijn krijgt.

Bij de vier cliënten kunnen we het volgende constateren:

- Bij Shirley en Willem is voor een deel weer een gevoel van macht over hun leven verkrijgen. Bianca en Berend hebben veel inzichten gekregen, die voor hen belangrijk zijn om meer grip op het leven te krijgen.

- Bij alle vier zijn stappen gezet om het verdedigings- en verwerkingsmechanisme te herstellen. Shirley voelt zich gelijk aan haar man en kan nu verhalen over vroeger vertellen. Willem reageert gevoelsmatiger naar zijn vriendin en zijn zoon. Bianca en Berend leren heftige emoties los te laten en ernaar te kijken.

- Bij alle vier is de opgeslagen emotionele lading in het lichaam verminderd. Bij Shirley is de bloeddruk verlaagd en Willem leeft meer met zijn buik. Bij Bianca en Berend zijn er geen lichamelijke gegevens die dit aantonen. Toch is door de methoden van focussen bij Bianca in de 1e sessie en bij Berend in de eerste drie sessies emotionele lading naar boven gekomen. In de verdere sessies is hiermee gewerkt.


CONCLUSIE

Uit de bovenstaande samenvatting kan worden geconcludeerd dat hypnotherapie kan bijdragen aan de verwerking van een trauma. Regressie en reïncarnatie blijken belangrijke methoden te zijn om toe te passen bij traumaverwerking. Het is echter niet mogelijk om alleen met regressie en reïncarnatie een trauma te verwerken. Er moet vaak voor- en nawerk voor deze methoden gedaan worden. Dit kan met andere hypnotherapeutische methoden, zoals die in hoofdstuk 4 beschreven zijn of met andere therapeutische disciplines.

De kracht van hypnotherapie is dat in trance wordt gewerkt met het onbewuste, waar de ervaring van het trauma opgeslagen zit. Met behulp van het hoger bewustzijn kan in trance de kern van een trauma worden gevonden. Er komt informatie beschikbaar, die in het dagbewustzijn niet aanwezig is. Een tweede kracht van hypnotherapie is dat in trance de oude, traumatische ervaring compleet wordt. De niet begrepen momenten worden begrepen. De verdrongen momenten krijgen een plek en verbindingen worden duidelijk ten aanzien van het gedrag in het heden. In dit proces wordt een beroep gedaan op andere verdedigings- en verwerkingsmechanismen dan tot dat moment gebruikt zijn. Irrationele overtuigingen kunnen worden losgelaten. Hierdoor kan het limbisch stelsel en de neocortex beter gaan samenwerken. Het is daardoor in trance mogelijk om de betekenis van de traumatische ervaring te beleven en daarna los te laten. Hierdoor ontstaat wijsheid en inzicht in het dagbewustzijn. Het aantal van tien sessies blijkt onvoldoende voor een volledige traumaverking.

 

LITERATUURLIJST

Bays, Brandon, De helende reis. Forum, Amsterdam 1999.

Bijnsdorp, Liz, De 147 personen die ik ben. Uitgeverij Vrij Geestesleven, Zeist 1994.

Bos, Sonia, Over dertien Chakra´s gesproken, de chakra van de kosmische mens. Uitgeverij de Gouden Kroon, Voorschoten 1999.

Bos, Sonia, De mens in het Aquariustijdperk. Uitgeverij de Gouden Kroon, Voorschoten 1997.

Brennan, Barbara Ann, Licht op de Aura. Altimara Becht, Haarlem 1987.

Bruin, Erik, Ziekte, pijn en de invloed van de geest. Uitgeverij Ank-Hermes b.v., Deventer 2006.

Cladder, J.M, Hypnose als hulpmiddel bij psychotherapie. Swets & Zeilinger, Lisse 1990.

Dahlke, Ruediger, Ziekte als symbool, handboek psychosomatiek. Uitgever Elmar B.V., Rijswijk 1998.

Dahlke, Ruediger, Ziekzijn, signalen van de ziel. Uitgeverij Ank-Hermes b.v., Deventer 1997.

Dam, Hans ten, Catharsis en Integratie, het nieuwe handboek regressie- en reincarnatietherapie. Bres B.V., Amsterdam 1997.

Edelstein, M.G, Trauma en Trance. Effectieve hypnotherapeutische technieken. De Toorts, Haarlem 1991.

Emoto, Masaru, Water weet het antwoord. Uitgeverij Ank-Hermes b.v., Deventer 2005.

Fransen, Henk, Bondgenoot, autobiografie van een immuuncel. Uitgeverij DE ZAAK, Groningen 2005.

Hart, Onno van der, Trauma, dissociatie en hypnose. Swets & Zeitlinger, Lisse 1991.

Herman, J.L. Trauma en herstel: de gevolgen van geweld – van mishandelingen thuis tot politiek geweld. Uitgeverij Wereldbibliotheek, Amsterdam 1993.

Jongh, Ad de en Broeke, Erik ten, EMDR., Swets en Zeitlinger.

Judith Anodea, Handboek Chakra psychologie, zelfverwerkelijking in zeven stappen. Altamira-Becht, Haarlem 2001.

Kamphoff, Martijn, Oude Levens, nieuwe koersen. Reincarnatie en de samenhang tussen opeenvolgende levens. Bres, Amsterdam 2000.

Miller, Alice, Het drama van het begaafde kind: op zoek naar het ware zelf. Uitgeverij Van Holkema & Warendorf, Houten 1997.

Rinpoche, Sogyal, Het Tibetaanse boek van leven en sterven. Servire, Utrecht 1995.

Servan-Schreiber, David, Uw brein als medicijn. Kosmos Z & K Uitgevers, Utrecht 2005.

Uijtenbogaardt, Barbelo C., Handboek Moderne Hypnotherapie. Kosmos Z & K Uitgevers, Utrecht 2001.

Uijtenbogaardt, Barbelo C., Licht op Hypnotherapie. Kosmos Z & K Uitgevers, Utrecht 2002.

Uijtenbogaardt, Barbelo C., Psychose en schizofrenie, de mens achter het ziektebeeld. (2005).


 Dit zijn fragmenten van de scriptie Traumaverwerking met hypnotherapie. De hele scriptie is digitaal tebestellen door € 10,- over te maken op giro 9353657 Ten name van Praktijk Munera, Uithof 15 1353 XB Almere onder vermelding van "scriptie". Gelieve duidelijk je naam, adres, woonplaats en email-adres op te geven.